In opdracht van Redactieteam Bospolder-Tussendijken ging ik in gesprek met mensen die wonen en/of werken in Bospolder of Tussendijken. Welk werk doen ze, hoe zijn ze daar terecht gekomen en welke rol speelt de wijk voor hen? Ik probeerde een open gesprek te hebben met iedereen die ik interviewde: wat maakt het voor hen, persoonlijk, nou zo leuk, moeilijk, goed of lastig, dat werk? Ik leerde nieuwe mensen kennen, ontdekte vakgebieden die ik eerder nog niet kende en vond het ontzettend leuk alles te horen over het werkend leven van een wijkagent, zonnepaneel-installateur of werkconsulent. De interviews verwerkte ik tot korte teksten. Yvet Ellenkamp maakte er foto's bij en samen werden ze geplaatst op de social media-kanalen van het redactieteam. Hieronder een selectie. 
Zanna Klimansa: unstoppable 
Geen tegenslag houdt Zanna Klimansa tegen. Deze BoTu-bewoonster woont ruim zeven jaar in Tussendijken en heeft geen moment stilgezeten. In Letland, waar ze vandaan komt, werkte ze als docent Russisch, hier volgt Zanna inmiddels een BBL-opleiding tot apothekersassistent. En ze vindt het heerlijk.
Als we vragen naar haar verhaal eerst een lach: “Ik weet niet waar ik moet beginnen!”. Het begon met drie maanden zomerwerk in Nederland. Ze bleef, ook na de zomer, haar zoon verhuisde met haar mee. Daarna ging haar carrière verschillende kanten op: van elektronische groothandel tot pompstation en een sollicitatie bij buitenlandse zaken. Afwijzingen deerden haar weinig: “Je doet het, of je doet het niet.” Uiteindelijk besloot ze: ik ga ondernemen, een Russische winkel openen, of, plan B, een reisbureau, met reizen naar Sint Petersburg, haar lievelingsstad. “Het is de beste stad ter wereld: er is zo veel!”.
Zanna was op weg, maar corona kwam tussenbeiden. Ze besprak dit met werkconsulent Dan Hageman, die ze leerde kennen toen ze een bijstandsuitkering ontving. “Dan heeft mij altijd ondersteund. Hij is iemand die je kan inspireren. Ik besprak met hem mijn plannen, maar helaas, die gingen niet lukken. Oké, dachten we: plan C!”
Dat plan bleek in de medische wereld te liggen. In gesprek met Dan kwam het beroep van apothekersassistente in gedachten. Zanna ging op zoek naar een apotheek waar ze al werkend zou kunnen leren. Ze mailde 25 apotheken en werd slechts door één apotheek uitgenodigd op gesprek te komen. Of dat haar de moed ontnam? Zeker niet: “Je moet gewoon doorgaan!”. Inmiddels is ze er een half jaar aan de slag en volgt ze ondertussen haar opleiding. Met succes; haar laatste toetsen ronde ze af met zevens en achten. “Natuurlijk is het moeilijk: ik moet nog leren, het is druk en het werken met mondkapjes is lastig, maar ik vind het leuk. Ik studeer weer en vindt het leuk om nog een diploma te halen. Een goede stap naar een goede toekomst!”

Beeld door Yvet Ellenkamp

De kersverse wijkagentes van Bospolder
Op het politiebureau in Bospolder spreken we Carlinn de Bruijne (links) en Karen van der Zee: sinds 31 oktober de wijkagentes van Bospolder. Beiden werkten eerst in de noodhulp, maar zochten verdieping: “Ik wilde juist de achterliggende problemen ontdekken. Waardoor ontstaat een incident, waarom bellen deze mensen de politie? aldus Carlinn.
Om zichtbaar te worden in de wijk stelden de agentes zich voor, deur aan deur. “Als we aan de deur staan schrikken mensen soms wel eerst: politie, dat is niet goed. Gelukkig zijn wij best sociaal; dan stellen we ons even voor, vragen we hoe het gaat. Dat verlaagt de drempel.” verteld Carlinn. Karen: “Mensen merken dan dat politie niet gelijk iets slechts betekent: we kunnen ook helpen, in gesprek gaan.”
Om die drempel zo laag mogelijk te houden verplaatsen de dames zich het liefst per fiets of te voet door de wijk. Zo kunnen bewoners makkelijk bij de agentes terecht met een (hulp)vraag. Om die vragen goed te kunnen beantwoorden werken ze veel samen met andere organisaties, zoals Havensteder, Veilig Thuis en het wijkteam. Zo kunnen problemen vanuit een breed netwerk opgelost worden.
De problematiek in de wijk is heel divers, vertelt Karen: “De samenstelling van de wijk is heel gevarieerd: aan de ene kant armoede, aan de andere kant welvaart. Dat brengt ook verschillende problemen met zich mee: daar waar de een wel aan het jatten moet omdat ‘ie anders de dag niet doorkomt kan een ander zich storen aan een zwerver voor de deur.” Dat maakt het werk als wijkagent context-gedreven: altijd rekening houdend met het achterliggende verhaal.
Om rekening te houden met die context kijken de agentes ook achter de voordeur: “Als onze dienst begint kijken we eerst wat er de afgelopen 24 uur is gebeurt in de wijk.” vertelt Carlinn: “Is er huiselijk geweld geweest, dan gaan we even kijken hoe het met het gezin is. Daarnaast is er bijvoorbeeld ook pas een oudere mevrouw gevallen: dan gaan we ook even kijken of het goed met haar gaat.”
Hoe de agentes de toekomst zien? “We hopen dat als je over vijf jaar de wijk in loopt en aan een bewoner vraagt wie zijn wijkagentes zijn, ze onze namen noemen. Dat is hoe we als agenten willen zijn: als iemand ons nodig heeft, dan zijn we er.”

Beeld door Yvet Ellenkamp

Dames het dak op 
We zijn terug in de Beroepentuin, waar we eerder Sandor en Michael spraken en waar nu een team van vier dames wordt opgeleid tot zonnepaneel-installateur. Het redactieteam spreekt Alida en Moenne, die inmiddels zo’n drie maanden in opleiding zijn.
“Het was iets dat buiten mijn comfort-zone lag, maar tot nu toe bevalt het me goed.”, vertelt Moenne. Met de opleiding slaat ze twee vliegen in één klap: ze leert een nieuw vak én gaat aan de slag met haar hoogtevrees. Haar collega Alida werkte in de zorg, maar heeft altijd interesse voor techniek gehad. “Ik merk dat deze opleiding me een vrolijker mens maakt. In de zorg werkte ik binnen: hier heb ik frisse lucht, ben ik bezig met wat ik leuk vindt en ik leer iedere dag wat nieuws. Ik voel me daardoor weerbaarder.” vertelt ze.
Groene energie houdt de dames bezig. Ze bezochten de tentoonstelling DOWN TO EARTH van de IABR en zijn blij dat ze nu ook zelf een steentje bijdragen aan het verduurzamen hun wijk. “Ik wil werk doen waar ik achter sta.” vertelt Moenne: “Ik weet dat we moeten verduurzamen, dus ben ik blij dat ik daaraan kan bijdragen”. Alida voegt toe: “Je zet zonnepanelen voor de buurt, maar dat werkt ook weer door naar heel Rotterdam, heel Nederland en eigenlijk heel de wereld.”
Naast hun eigen team werken er voornamelijk mannen in de Beroepentuin. Een probleem was dat gelukkig niet: “In het begin dachten die mannen wel; wat doen die vrouwen hier? Toen zagen ze gelukkig dat we er écht voor gingen en namen ze ons serieus.” vertelt Alida. Een van de doelen van het project is te laten zien dat ook vrouwen een technisch beroep kunnen kiezen; dat meisjes zich niet hoeven te beperken tot ‘vrouwenberoepen’, maar ook installateur, monteur of elektriciën kunnen worden.
Voor de toekomst hopen de dames dat zonnepanelen én verduurzaming zich uitbreiden tot in heel Rotterdam. “In andere steden zijn ze daar al langer mee bezig: wij kunnen een inhaalslag maken, we zijn Rotterdammers, let’s do it!” vertelt Moenne enthousiast. Daarnaast hopen de dames doorslag te geven voor de jongere meiden: om ze te laten zien dat ook zij het dak op kunnen. Na de opleiding gaan de dames aan de slag op het dak van de Dakparkschool in Bospolder: en daar hebben ze veel zin in!

Beeld door Yvet Ellenkamp

IABR: DOWN TO EARTH 
In het Keilepand worden we ontvangen door Sandra (rechts) en Radja. Zij werken als gastvrouw- en heer bij de tentoonstelling Down To Earth, die deel uitmaakt van de Internationale Architectuur Biennale. De focus van de tentoonstelling ligt op energietransitie: wereldwijd, Rotterdam-breed, én ingezoomd op ons eigen Bospolder-Tussendijken.
Sandra, die zelf in Tussendijken woont, merkt daar zelf ook al iets van: “Mijn gasfornuis is aan zijn eind, nu twijfel ik of ik al over moet stappen op elektrisch koken. Dat is best een stap, dus wil ik goed onderzoeken of dat nu al verstandig is.” Op de openingsdag kreeg Sandra al een korte introductie, in de loop van de week komt er een uitgebreider rondleiding door de tentoonstelling. “Het gastvrouwschap bevalt me wel: ik vind het sociale leuk, maar ook het feit dat je inhoudelijk wat van de tentoonstelling kunt leren.”
Haar collega Radja had nog niet eerder van de IABR gehoord, maar stond zeker open voor een nieuwe (werk)ervaring. Sandra kwam bij de biennale terecht via jobhunter Jaap de Neef. Ervaring met het gastvrouwschap had ze nog niet, maar interesse voor de energietransitie wel: “Ook omdat ik in de wijk zelf woon: ik wil graag weten wat er gaat gebeuren, wat het plan is.”
De keuze voor een gastheer- en vrouw uit BoTu is bewust, verteld Melany van Twuijver, zakelijk directeur van de IABR. “Sandra en Radja zijn ook een klankbord, van hen leren we of de mensen nu echt op de hoogte zijn of niet.” De link met de naastgelegen wijken is ook in de tentoonstelling terug te vinden: we zien bekende gezichten, initiatieven en plekken als WijkEnergieWerkt, de Gijsingflats en de energiecoaches. “Of men de IABR kent vind ik eigenlijk niet het belangrijkst”, vertelt Melany: “Maar als bewoners zich straks bewust zijn van wat die energietransitie nu eigenlijk inhoudt en wat je daar zelf aan én mee kunt doen, zou ik ontzettend blij zijn.”
Sandra en Radja raden andere BoTu-bewoners ook aan de tentoonstelling te bezoeken: “De stap van gas naar elektriciteit is een hele mikmak, het is goed om te leren hoe dat gaat en wat je daarmee kunt.”, aldus Radja. Een tijdsslot reserveren kan via https://iabr.nl/nl/bezoek/ticket-reservation. De tentoonstelling loopt tot 20 december en is te vinden op Keilestraat 9.

Beeld door Yvet Ellenkamp

Dan Hageman: werkconsulent in Pier 80
Werkconsulent Dan Hageman kan sinds kort weer voorzichtig aan de slag in Pier 80 en vindt dat fantastisch. Want, mensen ontvangen is het leukste deel van zijn werk. “En, dat klinkt misschien vreemd, hoe lastiger de situatie, hoe leuker ik het vind. Dan heb ik het gevoel dat ik iets voor iemand kan betekenen.”
Wie er langskomen bij Dan? Rotterdammers die momenteel een uitkering ontvangen, maar die in de nabije toekomst wel weer aan de slag kunnen. Dan helpt bij het oplossen van de problemen die tot deze situatie hebben geleid én kijkt naar de toekomst. Beiden belangrijk, stelt Dan: om weer aan het werk te gaan moet je eerst iets met het verleden. “De basis moet rustig zijn. Als jij iedere dag vier deurwaarders aan de deur hebt, of een vervelende ex-partner in de buurt, is jouw basis niet rustig. Dan kun je wel gaan werken, maar met je hoofd ben je dan heel ergens anders, dat kan niet goed gaan.” Niet alleen problemen oplossen dus, maar ook kijken naar de oorzaak: hoe kom je aan je problemen, hoe zijn ze ontstaan?
Om het hierover te hebben is wederzijds vertrouwen nodig. Daarom is Dan erg blij weer in de wijk te kunnen werken. Mensen kunnen langskomen, op afspraak of even tussendoor. “Er zit een scherm tussen de mensen en Gemeente Rotterdam. Dat muurtje moet afgebrokkeld worden”. Door in de wijk te zijn lukt dat. Dat betekent ook je gezicht laten zien in de kantine van Pier 80, of de pide-zaak om de hoek. Langsgaan bij Dan is veel makkelijker dan bij het gemeentekantoor: als je binnenloopt bij het buurthuis weet niemand dat je over een uitkering of schulden gaat praten.
Daarnaast kun je als iemand tegenover je aan tafel zit emoties zien. “Ieder mens is anders, en ieder mens vraagt een andere benadering”. Waar de een een schop onder z’n kont nodig heeft, moet de ander juist zijn verhaal kwijt. Dan is niet elke dag in Bospolder-Tussendijken te vinden, omdat hij ook nog cliënten elders in Rotterdam heeft. Sommige ziet hij al ruim vier jaar. Die tijd en ruimte voor een persoonlijke benadering is belangrijk. “Je bent maatschappelijk werker, een halve psycholoog, dokter en vertrouwenspersoon in een.”
Door in de wijk aanwezig te zijn hoopt Dan de bereikbaarheid van de gemeente te vergroten: je kunt even langswippen, in plaats van 14 010 te bellen. “Ik hou ervan in de wijk te zijn, juist ook om het gezicht van de gemeente te laten zien. Overigens werken we ook nog voor een groot deel vanuit huis, omdat ook wij voorzichtig moeten blijven in deze lastige tijd waarin we te maken hebben met een pandemie."
Back to Top